Kasteel van Breda: Nassaus, het turfschip en de KMA

Het Kasteel van Breda ligt midden in de Brabantse stad, aan het Kasteelplein. Het was de residentie van de Nassaus, de voorouders van het Nederlandse koningshuis, en het decor van een van de bekendste krijgslisten uit de vaderlandse geschiedenis: de verrassing met het turfschip in 1590.

Kasteel van Breda in het kort

Plaats Breda (Noord-Brabant), Kasteelplein
Gebouwd Burcht vermeld in 1198; renaissancepaleis vanaf 1536
Bewoners Heren van Polanen, graven van Nassau, Willem van Oranje
Bekend van Het Turfschip van Breda (1590) en de Vrede van Breda (1667)
Nu Koninklijke Militaire Academie; beperkt te bezoeken

Van burcht tot paleis van de Nassaus

Al in 1198 stond er op deze plek een burcht, en de stad Breda is in de nabijheid daarvan gegroeid. In 1353 verkocht de hertog van Brabant Breda aan Jan II van Polanen, die het kasteel versterkte met vier torens en een gracht. In 1403 trouwde Johanna van Polanen met graaf Engelbrecht I van Nassau. Zo kwam een Duits gravengeslacht naar Brabant, met gevolgen die niemand toen kon overzien.

De Nassaus maakten van Breda een hof van Europese allure. Er kwamen edelen, hertogen en koningen op bezoek, en ook twee keizers. Graaf Hendrik III liet de middeleeuwse burcht vanaf 1536 ombouwen tot een renaissancepaleis. Samen met zijn vrouw Mencía de Mendoza trok hij daarvoor de Italiaanse kunstenaar Thomas Vincidor uit Bologna aan, een leerling van Rafaël. Hendrik stierf al in 1538; zijn zoon René van Chalon zette het werk voort en liet een kapel bouwen. Toen René kinderloos overleed, ging het kasteel naar zijn Duitse neef Willem van Nassau, beter bekend als Willem van Oranje, die er ook heeft gewoond.

De list met het turfschip

Tijdens de Opstand tegen Spanje kreeg het paleis weer een militaire rol. In 1590 lag er een Spaansgezind garnizoen. Prins Maurits wilde Breda terug, en de edelman Charles de Héraugière, die de stad in het geheim moest verkennen, kwam met een plan. De schipper Adriaen van Bergen voer geregeld met een lading turf, brandstof voor de winter, Breda binnen. Onder die turf konden soldaten worden verstopt.

Eind februari 1590 gingen ongeveer zeventig zorgvuldig uitgekozen Nederlandse en Engelse soldaten aan boord. De tocht duurde door ijsgang dagen langer dan gepland. Uiteindelijk werd het schip zonder controle binnengelaten. In de vroege ochtend van 4 maart kwamen de mannen tevoorschijn, overmeesterden de wacht en bezetten het wapenarsenaal. Maurits, die met zijn leger op afstand wachtte, kon daarna de stad in bezit nemen. Héraugière werd gouverneur van Breda en de schippers kregen een levenslange toelage.

De vergelijking met het paard van Troje lag voor de hand en is sindsdien eindeloos gemaakt. In de kern is het verhaal historisch, maar het is in de loop der eeuwen vaak naverteld in romans en op prenten, en niet alles wat daarin staat is even betrouwbaar. Zelfs het precieze verloop van de vaartocht is niet goed te reconstrueren. Ook de plek roept vragen op. Het Spanjaardsgat, de waterpoort met twee torens, wordt vaak in verband gebracht met het turfschip. Volgens een van de geraadpleegde bronnen is die poort echter pas rond 1610 gebouwd, twintig jaar na de list, als herinnering eraan.

Vredesonderhandelingen en cadetten

Breda bleef een stad waar om gevochten werd: in 1625 veroverde de Spaanse veldheer Spinola haar, in 1637 kwam ze weer in Staatse handen. Het kasteel werd daarna vooral een plek voor diplomatie. In 1667 werd er de Vrede van Breda gesloten, die een einde maakte aan de Tweede Engels-Nederlandse Oorlog. Tussen 1746 en 1748 werd er opnieuw onderhandeld, nu tussen Groot-Brittannië en Frankrijk.

Stadhouder Willem III, later ook koning van Engeland, liet tussen 1686 en 1695 nog aan het paleis bouwen, maar hij en zijn opvolgers verbleven er zelden. In de Franse tijd deed het gebouw dienst als kazerne en hospitaal. In 1826 stelde koning Willem I het ter beschikking van de Koninklijke Militaire Academie, de officiersopleiding van het leger; volgens Explore Breda begon de opleiding er in 1828. De KMA zit er nog altijd.

Wie kan het kasteel bezoeken?

Juist omdat het kasteel op militair terrein staat, is het maar zeer beperkt toegankelijk. Wie het wil zien, is aangewezen op rondleidingen met een gids, waarvoor aanmelding vooraf nodig is en waarbij bezoekers zich moeten kunnen legitimeren. De twee torens aan het Spanjaardsgat zijn het bekendste gezicht van het kasteel. Het verhaal van de Bredase Nassaus wordt daarnaast verteld in het Stedelijk Museum Breda, en het kasteel is een van de haltes op wandelroutes door het historische centrum.

Spookverhalen over het kasteel zijn in de geraadpleegde bronnen niet te vinden. Het verhaal dat hier al eeuwen wordt doorverteld, is van een ander soort: dat van zeventig soldaten die dagenlang verstopt onder de turf lagen te wachten.

Bronnen: Explore Breda: Kasteel van Breda, Wikipedia: Breda Castle, Wikipedia: Capture of Breda (1590). Laatst bijgewerkt: 10 oktober 2026.

Cultuurwijs is een uitgave van Mindbogglingmedia B.V., Dokter van Deenweg 162, 8025 BM Zwolle. KvK 85952516.
Over de redactie · Redactioneel beleid · Colofon