In de islamitische wereld worden verschillende feestdagen gevierd. Er zijn twee feesten die door de koran voorgeschreven zijn: het suikerfeest (ied al-fitr) en het offerfeest (ied al-adha). Dit zijn twee officiële feestdagen die door een miljard moslims wereldwijd worden gevierd. Daarnaast zijn er ook talloze gedenkdagen die vaak vanuit culturele achtergronden gevierd worden, zoals asjoera (De tiende dag) en de geboortedag van de profeet Mohammed (maulid). 

Om iets te begrijpen van deze feestdagen, moet je eerst iets weten over de kalender aan de hand waarvan de data worden berekend. Deze heet de maankalender, de hidjra. In deze kalender begint iedere maand bij een nieuwe maan. Een islamitisch jaar heeft 12 maanden van afwisselend 29 en 30 dagen. Het heeft dus 354 dagen, 11 dagen minder dan de westerse kalender van 365 dagen. Het begin van de islamitische jaartelling komt overeen met de westerse datum 16 juli 622. Eigenlijk wordt deze maankalender alleen nog maar gebruikt om feestdagen te berekenen.

Suikerfeest, einde van de ramadan (ied al-fitr, eker bayrami)

14 november 2004, 3 november 2005, 24 oktober 2006, 13 oktober 2007, 2 oktober 2008

 
Baklava
Kom met Arabische tekst voor ritueel gebruik, om voedsel aan de armen uit te reiken na de ramadan.
Collectie RMV
Koranfoedraal, gebruikt om het heilige boek in op te bergen.  
Collectie RMV
Tijdens ramadan wordt herdacht dat de koran is geopenbaard. Iedere dag wordt een bepaald hoofdstuk gelezen of bestudeerd.
Koran, 1850-1900, collectie RMV

Voordat het suikerfeest losbarst is er een maand vasten tijdens de ramadan aan voorafgegaan. Het is de verbreking van de vastenmaand.
Ramadan is de heilige negende maand van het islamitische jaar. Hierin wordt herdacht dat de koran aan de profeet Mohammed is geopenbaard. Deze maand mogen moslims tussen zonsop- en ondergang niet eten, drinken, roken en vrijen. Er wordt wel gezegd dat ramadan vooral een vorm van geestelijke reiniging is. Geen van je zintuigen (zien, horen, proeven, ruiken en voelen) mogen in aanraking komen met verboden dingen. Daarnaast moet je een goed humeur hebben en je medemensen blij maken.
De periode tussen zonsop- en ondergang waarin je niet mag eten en drinken, is afhankelijk van de plek op de aardbol en de periode waarin ramadan valt. Vanwege de maankalender valt ramadan ieder jaar ongeveer elf dagen eerder dan het jaar daarvoor. Je kunt je voorstellen dat de vastenmaand een hele opgave is als het in de zomer valt, en helemaal voor een moslim in het Noorden van Scandinavië. Maar daar gaat deze maand juist om. Vasten wordt gezien als een teken van zelfdiscipline, vasthoudendheid en gehoorzaamheid aan God. Het is een verplichting voor moslims en niet, zoals bij christenen, een individuele boetedoening. Iedereen moet dan ook meedoen, ook kinderen vanaf een jaar of 10. Zwangere vrouwen, zieken en reizigers hoeven niet te vasten, maar moeten het wel op een later tijdstip inhalen.
Het suikerfeest begint op de eerste dag van de tiende islamitische maand. Iedereen is trots dat ze het vasten hebben kunnen volhouden. Naast het einde van de ramadan is het suikerfeest ook een feest van verzoening.
‘s Ochtends staan moslims vroeg op en doen een ochtendgebed. Ze trekken mooie – vaak nieuwe – kleren aan en parfumeren zichzelf, als symbool voor vernieuwing. Dan gaan ze naar een moskee om het feestgebed uit te spreken, waarna men elkaar omhelst en het feest begint. Kinderen krijgen snoepjes en cadeautjes. Mensen gaan bij elkaar op bezoek: buren, familie, vrienden en arme mensen. En natuurlijk mag er weer volop gegeten worden, wat dan ook uitbundig gezamenlijk gedaan wordt. Lekker en vooral ook zoet eten.
Tijdens het suikerfeest worden de minderbedeelden niet vergeten, bijvoorbeeld in de vorm van het betalen van armenbelasting (sadakat al-fitr).Lees het verhaal “Suikerfeest bij ons thuis“, uit: Wereld Volksverhalen Almanak.

Offerfeest (ied al-adha)

2 februari 2004, 21 januari 2005, 10 januari 2006, 31 december 2006, 20 december 2007, 9 december 2008

 
 Schaap
 
Fragment van de kiswah, een doek die om de Ka’ba heeft gehangen. De Ka’ba is een vrijwel vierkant gebouw in Mekka en is de heiligste plaats voor moslims. Ieder jaar wordt de Ka’ba door honderdduizenden pelgrims bezocht tijdens de hajj. Na afloop van de hajj wordt de Ka’ba omhangen met een nieuwe kiswah. De oude kiswah wordt in stukken geknipt en verdeeld onder gelovigen. Het bevat baraka, zegening.
Volgens de legenden is de Ka’ba gebouwd door Adam en later hersteld door Abraham en zijn zoon Ismaël.  Collectie RMV
 
Fragment van houtsnede van moskee en graf van Mohammed in Medina (eind 19de eeuw). Werd vaak als souvenir meegenomen uit Mekka en Medina na de hajj.
Collectie RMV

Tijdens het offerfeest wordt herdacht dat Abraham bereid was zijn oudste zoon Ismaël te offeren voor God. Toen Abraham zijn zoon met een mes wilde doodsteken, stuurde God een schaap dat in plaats van de zoon geofferd kon worden. Abraham had zijn volgzaamheid en trouw aan God immers al duidelijk laten zien. Dit verhaal wordt niet alleen in de koran beschreven, ook het christen- en jodendom kennen dit verhaal.
Het offerfeest hangt nauw samen met de bedevaart naar Mekka in Saoedi-Arabië (de hajj). Iedere moslim moet één keer in zijn leven deze pelgrimstocht ondernemen, als zijn gezondheid en financiele situatie dat toelaten. De pelgrimstocht gaat langs verschillende heilige plekken en gaat gepaard met allerlei rituelen.
Op de tiende dag van de hajj offert elke pelgrim een dier, als herdenking van het verhaal van Abraham. Dat kan een schaap, rund of kameel zijn. Maar ook de moslims die niet in Mekka zijn, brengen die dag een dierenoffer. Althans, zij die het kunnen betalen. Het ritueel geslachte vlees wordt verdeeld onder familie, gasten en armen. Een klein gedeelte is voor het eigen gezin. Er wordt wel gedacht dat het geofferde schaap de gelovige op de dag des oordeels over een brug, dunner dan een haar en scherper dan een zwaard, zal dragen.
Het offerfeest wordt overal heel feestelijk gevierd. Er zijn beschrijvingen van dit feest in Marokko, waarbij mannen de huiden van de geofferde schapen droegen. Er werd ook gedacht dat het aanraken van de huid van een offerdier een zieke kon genezen.
Tijdens het offerfeest – dat een paar dagen duurt – is het belangrijk dat je goed handelt en aan anderen geeft. De laatste tijd zie je in Nederland steeds vaker dat met offervlees bereide maaltijden worden uitgedeeld aan thuis- en daklozen.
Ook deze feestdag begint in de moskee en wordt met familie en vrienden gevierd. Soms komen er wel 50 mensen op een dag langs. De gasten die er dan al een tijdje zijn, moeten dan plaats maken voor de nieuwe bezoekers.
In Nederland wordt de laatste jaren geprobeerd om van het offerfeest een officiële feestdag te maken voor de Nederlandse moslims.Lees het verhaal “De beproeving van Abraham” uit: Wereld Volksverhalen Almanak.

Carinda Strangio

Internet
Wereld Feesten Almanak
Ramadan.nl
Islam en dialoog

Literatuur
Het is alle dagen feest in Leiden! Feest- en gedenkdagen uit verschillende landen en culturen, 2003, Leiden
Annemarie Schimmel, Het islamitische jaar: kalender en feesten, 2003, Baarn